Afbeelding Waarheden over gezond eten

Waarheden over gezond eten

Al die voedingsadviezen, moeten we die serieus nemen?

Een jonge diëtist op onze afdeling verzuchtte laatst: “Ik weet niet meer wat ik moet zeggen over voeding; alles is nu anders dan ik geleerd heb.” En dat terwijl ze nog geen tien jaar geleden afstudeerde.

Wetenschapsjournalist Gina Kolata schreef in The New York Times in 2016: ‘Bij bijna alles wat u wordt verteld over het voedsel dat u eet en de ­lichaamsbeweging die u heeft en de effecten daarvan op uw gezondheid, moet u uw wenkbrauwen fronsen.’

Daarmee impliceerde Kolata dat u de stroom aan voedings- en beweegadviezen met een grote korrel zout moet nemen.

Ze is niet de enige. Op sociale media worden wetenschappers en artsen beticht van leugens en bedrog als het gaat om voedingsadviezen. Vaak wordt gesuggereerd dat er een ‘echte waarheid’ is over voeding die wetenschappers en overheden wel kennen maar om tal van redenen weigeren te openbaren.

Vaak wordt, niet onterecht, gewezen op de innige verstrengeling van de voedingsindustrie met de wetenschap die onafhankelijke adviezen in de weg zou staan. Daarnaast kibbelen wetenschappers en dieetgoeroes onderling over schijnbaar tegenstrijdige voedingsadviezen.

Dit alles suggereert dat er geen consensus bestaat over wat een gezond voedingspatroon is en dat bovendien de inzichten daarover voortdurend veranderen. En dat laatste zou een tekortkoming van de voedingswetenschap zijn.

De strijd tegen hartinfarcten was een opvallend succes

De voedingswetenschap is een jonge wetenschap. Alle vitamines werden ontdekt tussen 1913 en 1948 en insuline in 1921. Dat was een tijd waarin gebreksziekten zoals krop en rachitis en infectieziekten zoals tuberculose en cholera de hoofdmoot waren van onze gezondheids­problemen.

Sindsdien is bijvoorbeeld de sterfte aan tuberculose met een factor 300 gedaald en de kindersterfte met een factor 30. Mede daardoor nam de levensverwachting snel toe.

De huidige problematiek van de chronische welvaartsziekten zoals obesitas, type 2 diabetes en hart- en vaatziekten is pas van na de Tweede Wereldoorlog. Extreem recent in de geschiedenis van de mens.

In de eerste decennia na de oorlog was de epidemie van hart- en vaatziekten de urgentste. Een spectaculaire stijging van het aantal hartinfarcten tussen 1945 en 1970 zorgde voor een massale sterfte bij vooral mannen.

Omdat vrijwel alle aspecten van onze samenleving in die periode sterk veranderden, was het niet eenvoudig de oorzaken van die sterfte op te sporen. Drie aspecten werden als belangrijkste geïden­tificeerd: roken, een hoge bloeddruk en een hoog cholesterolgehalte in het bloed.

Dat leidde tot een explosie van onderzoek naar voedingsstoffen en geneesmiddelen om die risicofactoren te beïnvloeden. Onderzoek wees uit dat een hoge zoutconsumptie de belangrijkste oorzaak was van een hoge bloeddruk en verzadigd vet van een hoog cholesterolgehalte.

Choles­terolverlagende medicijnen als statines werden ontdekt en steeds massaler voorgeschreven. Tevens slaagde men erin de zorg van patiënten met hart- en vaatziekten te verbeteren zodat ze er minder vaak aan doodgingen.

Al deze elementen samen hadden een spectaculaire daling tot gevolg van de sterfte aan hart- en vaatziekten met bijna 70 procent bij mannen en 60 procent bij vrouwen in de periode van 1980 tot 2016. De twintigste eeuw is daarmee waarschijnlijk de enige eeuw waarin hart- en vaatziekten de belangrijkste doodsoorzaak waren.

Meer vlees en zuivel is niet meer de oplossing

In de eerste decennia van de twintigste eeuw concludeerden voedingswetenschappers dat het beter was het Nederlandse arbeidersmenu van aardappelstampotten met weinig eiwit en voedingsstoffen te vervangen door eiwitrijkere en gevarieerdere voeding. Daardoor daalde de consumptie van aardappelen en steeg die van vlees en zuivel.

Dat was toen een goed en breed opgevolgd advies dat waarschijnlijk leidde tot gezondere en productievere werknemers. Wat later, in de decennia na de Tweede Wereldoorlog, was het op basis van de toen beschikbare kennis een goed voedingsadvies om op verzadigd vet en zout te letten.

Het deed het aantal hartinfarcten dalen. Nu, met de huidige epidemie van obesitas en diabetes, is dat advies niet langer afdoende.

Ultrabewerkt voedsel vind je overal…

Ons eten bestaat uit een groot aantal voedingsstoffen: vitamines, mineralen, vezels, bouwstenen voor eiwitten, vetten en koolhydraten. Die hebben allemaal een effect op onze lichaamsprocessen en zijn noodzakelijk voor een gezond functioneren van onze organen.

Het gaat om de juiste mix van stoffen en het niet te weinig maar ook niet te veel binnenkrijgen. Voor al die details aparte adviezen opstellen is natuurlijk ondoenlijk en versimpeling is noodzakelijk. Maar een eenvoudige remedie (een silver bullet, zoals dat mooi in het Engels heet) voor chronische welvaartsziekten is er niet.

Ondertussen hebben we niet stilgezeten met het manipuleren van ons voedsel. Dat wil doorgaans zeggen dat we het voedsel dat we van oudsher kenden zodanig bewerkten dat het lekkerder en beter houdbaar was dan het origineel. Het toevoegen van suiker en zout zijn daar klassieke voorbeelden van. Dat begon met thuis pekelen en wecken.

Later werd dat op industriële schaal geïntensiveerd. Van goedkope grondstoffen als kristalsuiker maken we frisdrank en snoep. Graan en rijstkorrels wisten we te ontdoen van de voedingsstofrijke zemelen en kiem zodat er witte bloem overbleef.

Eindeloze variaties van nieuwe producten gebaseerd op goedkope ingrediënten als suiker, zout, meel en goedkope vetten werden bedacht. Uw supermarkt staat er vol mee. Lekker, gemakkelijk, houdbaar en supergoedkoop. Tussen de 50 en 70 procent van het voedsel van de gemiddelde Nederlander bestaat uit dat soort producten.

… maar hoort niet in een gezond voedingspatroon

Er zijn veel theorieën over wat gezonde voeding is: van een oerdieet of vegetarische voeding tot een mediterraan voedingspatroon. Ze verschillen op veel punten van elkaar, maar ze hebben met elkaar gemeen dat in geen van deze diëten dit soort ultrabewerkte voedingsmiddelen voorkomen.

Deze producten staan bovendien hoog op de verdachtenlijst bij het ontstaan van obesitas, hart- en vaatziekten, type 2 diabetes en kanker.

Niettemin zijn die producten vrijwel overal dominant in het voedselaanbod. Met de kennis van nu is dat niet anders te interpreteren dan een gezondheidsondermijnende situatie. Deze producten grotendeels laten verdwijnen uit ons voedselpatroon en ze vervangen door de oorspronkelijke, lijkt een van de lastigste opgaven van de 21ste eeuw.

Jaap Seidell is hoogleraar voeding en gezondheid bij de VU Amsterdam.
Jutka Halberstadt is psycholoog en universitair ­docent kinderobesitas bij de VU.

Bron: kranten artikel Het Parool 26 augustus

Voedselonderwijs

Voedselonderwijs

Structureel voedselonderwijs voor ieder kind

Wij vinden dat ieder kind, op iedere basisschool in Nederland, structureel voedselonderwijs moet krijgen. Voedselonderwijs dat ieder kind in staat stelt gezonde en duurzame voedingskeuzes te maken.

Vind jij dat ook?

Teken dan voor 16 oktober 2016, Wereldvoedseldag, de petitie en deel deze met zoveel mogelijk mensen. We hebben 40.000 handtekeningen nodig om dit onderwerp als burgerinitiatief op de maatschappelijk en politieke agenda te krijgen.

Is voedselonderwijs nodig?

Ja, voedselonderwijs is hard nodig, want Nederlandse schoolkinderen drinken de meeste suikerhoudende dranken per dag van alle Europese kinderen(1). Van hen eet maar 1% voldoende groente(2) en in grote steden heeft 18% van de kinderen overgewicht of obesitas(3). En dit terwijl juist kinderen die gezond eten minder kans hebben op het krijgen van chronische ziekte(4-6), minder verzuimen op school en betere schoolprestaties hebben(7,8). Daarom is het belangrijk om kinderen al vroeg en structureel kennis te laten maken met gezonde voedingsgewoontes.

Help mee kennis kweken

Uit onderzoek blijkt dat voedselonderwijs op de basisschool helpt bij de ontwikkeling van een gezond en duurzaam voedingspatroon(9). Kinderen die meer weten over hun voedsel (herkomst, productiewijze, samenstelling of bereiding) hebben een grotere kans op een gezond voedingspatroon. Maar voedselonderwijs is meer dan alleen luisteren. Juist door op structurele wijze kennis te combineren met vaardigheden, zoals koken, samen eten, proeven of groente verbouwen, wordt de impact van voedselonderwijs vergroot(10).

Structurele inbedding

Er bestaan in Nederland diverse goede programma’s rondom voedselonderwijs. Waar wij ons zorgen over maken is het ontbreken van een structurele inbedding van deze programma’s op basisscholen. Want ieder kind heeft recht op de ontwikkeling van vaardigheden die nodig zijn om te kunnen kiezen voor een gezond en duurzaam voedingspatroon. Structureel voedselonderwijs ondersteunt de initiatieven die er zijn, de kinderen, de ouders en de gezonde schoolomgeving. Belangrijk is dat deze structurele inbedding in overleg met het onderwijs en de leerkrachten plaatsvindt.

Ons doel is structureel voedselonderwijs, voor ieder kind, op alle basisscholen.

Vind jij dat ook? Teken dan nu de petitie  op : youthfoodmovement.nl

Van slenteren tot sprinten: alle 5 goed

Van slenteren tot sprinten: alle 5 goed

Lopen is gezond, altijd! Dit doet het voor je lijf:

  1. Slenteren. Ook als je slentert, of een beetje rondscharrelt in huis: je lijf is in beweging. Nog altijd véél beter dan zitten!
  2. Wandelen. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat wandelen je fitter en slanker maakt en ook je bloeddruk verlaagt.
  3. Brisk walking. Dat is sportief wandelen, waarbij je flink doorstapt en ook je armen lekker mee laat bewegen. Voor iedereen voor wie rennen net (nog) te hoog gegrepen is.
  4. Hardlopen. Het is de ideale sport voor als je een druk leven hebt: je trekt je schoenen en sportkleren aan en kunt beginnen. Als je het twee of drie keer in de week doet, bouw je snel je conditie op.
  5. Sprinten. Wil je dat je conditie echt snel vooruit gaat? Doe dan tijdens het hardlopen af en toe een intervaltraining, bijvoorbeeld met een tabata. Zo’n extra workout duurt slechts 4 minuten!

Bron: website puurgezond.nl

Jonge artsen prefereren ingreep in levensstijl boven uitschrijven recept

‘Jonge artsen prefereren ingreep in levensstijl boven uitschrijven recept’


Veel jonge artsen geven de voorkeur aan een ingreep in de voedings- of leefstijl van de patiënt in plaats van het uitschrijven van een recept. Dat meldt de nieuwe Vereniging Arts en Voeding na een eigen onderzoek onder haar achterban.

De nieuwe artsenvereniging wil de kennis onder artsen over voeding en de effecten daarvan op ziekte en gezondheid vergroten.  ‘In de artsenopleiding is er nog altijd nauwelijks aandacht voor Voeding’, zegt initiatiefnemer en voorzitter van de vereniging Tamara de Weijer, die tevens huisarts in Zwaag is. Het merendeel van de huisartsen besteedt hier volgens haar nauwelijks aandacht aan.

Opleiding

Ook in de opleiding komt het onderwerp voeding slechts sporadisch aan bod merkt ze op. ‘Terwijl weken onderwijstijd aan zeer zeldzame ziektes en medicatie wordt besteed, gaat er circa 0,001% van de tijd over onderwijs naar voeding en leefstijl. Dat moet anders en dat is precies wat we gaan doen met de Vereniging Arts en Voeding.’

Zorgkosten omlaag

De Weijer haalt aan dat de juiste voeding niet alleen van belang is voor de preventie van veel aandoeningen, maar in sommige gevallen ook als behandeloptie kan worden ingezet. Onderzoeken waar patiënten met Diabetes type 2 met voeding- en levensstijladvies worden behandeld, laten volgens haar geweldige resultaten zien. Het merendeel is in staat hierdoor zijn diabetes om te keren en heeft daardoor veel minder of soms zelfs geheel geen medicatie meer nodig. Ook al is dit wetenschappelijk al 10 jaar bekend, slechts 10 procent van de huisartsen weet van deze mogelijkheid die tot miljarden besparingen in zorgkosten leidt.

Online platform

De Vereniging wil een online kennisplatform lanceren waarin de nieuwe vereniging kennis wil delen onder artsen en patiënten. Door dit wetenschappelijke platform, het aanbieden van scholing en het delen van best practiceswillen de initiatiefnemers binnen de zorgsector aandacht vragen voor het belang van voeding. De Vereniging kent een bestuur bestaande uit een zestal artsen, waaronder Prof. Dr. Leonard Hofstra, cardioloog en hoogleraar VUMC en Prof. Dr. Hanno Pijl, internist, hoogleraar LUMC en lid Gezondheidsraad.

Vrijdag 3 juni wordt de vereniging voor het eerst gepresenteerd tijdens de vijfde editie van het congres Arts en Voeding in Rotterdam.

Bron: site voedingnu.nl 30 mei 2016

Jumbo komt met algenburger


Jumbo introduceert algenburgers. Deze vleesvervangers zijn gemaakt van spirulina, een algensoort die al 3,5 miljard jaar bestaat.

De vegetarische burgers – van het Belgische merk Damhert Nutrition – bestaan voor 60 tot 70% uit eiwitten. Daarnaast is spirulina rijk aan antioxidanten. Ook bevat de algensoort elf vitamines, tien mineralen en het vetzuur gamma-linoleenzuur (GLA).

Vernieuwende producten

De algenburger is een mooie toevoeging aan het vegetarische schap, aldus Jumbo.

Ed van de Weerd, directeur Commercie: “Jumbo wil haar klanten maximale keuze bieden met onder andere het grootste assortiment. Het aanbod wordt niet alleen uitgebreid als de klant daar om vraagt, maar we zetten ook vaak zelf dat stapje extra om klanten te verrassen en inspireren met bijzondere en vernieuwende producten.”

Duurzaam product

Volgens producent Damhert passen deze algen in een duurzaam voedselproces, omdat ze via fotosynthese kunnen groeien, enkel met het zonlicht als energiebron en zoutwater als leefomgeving.

Gezondheidsvoordelen

De Belgische producent schrijft verder op haar website dat er sinds de jaren zestig uitvoerig wetenschappelijk onderzoek is verricht naar de nutritionele voordelen van spirulina.

Inmiddels zijn er meer dan 100.000 studies en artikelen gepubliceerd over de gezondheidsvoordelen. Zo is deze algensoort een goede ondersteuning voor een gezond imuunsysteem, een leverancier van energie en draagt het bij aan gezonde cholesterol- en bloedsuikerspiegels.

Bron voeding.nu 25 mei 2016

1 2 3 6